fbpx

Speelt erfelijkheid een rol bij snurken?

Roel Snijders ·
Slapend stel in zachtverlichte slaapkamer, één partner snurkt met open mond, familiefoto op nachtkastje, maanlicht door gordijnen.

Ja, erfelijkheid speelt een rol bij snurken. Bepaalde lichamelijke kenmerken die snurken uitlokken, zoals de bouw van je kaak, de vorm van je keel of de grootte van je amandelen, worden deels genetisch bepaald. Dat betekent niet dat je noodlottig gedoemd bent tot snurken als je ouders er ook last van hadden, want leefstijl en andere factoren wegen ook zwaar mee. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over erfelijkheid en snurken, van de lichamelijke oorzaken tot wat je er zelf aan kunt doen.

Welke lichamelijke kenmerken die snurken veroorzaken zijn erfelijk?

Snurken ontstaat wanneer de luchtweg in het keelgebied vernauwd raakt tijdens het slapen, waardoor de weefsels gaan trillen en dat bekende geluid produceren. Verschillende lichamelijke kenmerken die bijdragen aan die vernauwing worden deels via genen doorgegeven. Het gaat dan niet om één enkel snurkgen, maar om een combinatie van anatomische eigenschappen.

De meest voorkomende erfelijke kenmerken die snurken bevorderen zijn:

  • Een smalle of terugliggende onderkaak, waardoor de tong en tongbasis minder ruimte hebben en sneller naar achteren zakken tijdens het slapen
  • Grote amandelen of een lang huig, wat de ruimte in de keel van nature verkleint
  • Een smal verhemelte of een hoge gehemelteboog, wat de doorgankelijkheid van de luchtwegen beperkt
  • Een kortere of bredere nekkromming, die van invloed is op de positie van de luchtweg
  • Een aanleg voor een zwakkere spierspanning in de keelspieren, waardoor het zachte weefsel sneller instort

Al deze kenmerken zijn erfelijk bepaald of worden er sterk door beïnvloed. Herken je jezelf of je familieleden hierin? Dan is de kans groot dat snurken bij jullie een anatomische basis heeft.

Hoe groot is de kans dat je gaat snurken als je ouders ook snurken?

Als beide ouders snurken, is de kans dat jij ook gaat snurken aanzienlijk groter dan gemiddeld. Onderzoek naar familiepatronen laat zien dat snurken vaker voorkomt in families, wat wijst op een genetische component. Toch is erfelijkheid geen garantie: het vergroot de kans, maar bepaalt niet het eindresultaat.

Denk aan erfelijkheid bij snurken als een aanleg, vergelijkbaar met een aanleg voor een bepaald lichaamstype of bloeddruk. Of die aanleg zich ook daadwerkelijk uit, hangt af van andere factoren zoals gewicht, leeftijd, hormoonhuishouding en leefstijl. Iemand met een genetisch smal keelgebied zal bij overgewicht of alcoholgebruik veel eerder en luider snurken dan iemand met een ruime anatomie.

Kortom: als snurken in de familie zit, is het verstandig om er vroeg bij stil te staan. Niet om je zorgen te maken, maar om bewust te zijn van je aanleg en te voorkomen dat andere factoren het probleem groter maken dan nodig.

Is slaapapneu ook erfelijk of alleen gewoon snurken?

Slaapapneu heeft ook een erfelijke component, en die is zelfs sterker dan bij gewoon snurken. Bij slaapapneu valt de ademhaling tijdens het slapen tijdelijk stil, doordat de luchtweg volledig wordt afgesloten. Dezelfde anatomische kenmerken die snurken veroorzaken, zoals een terugliggende kaak of grote amandelen, spelen ook bij slaapapneu een rol.

Daarnaast is er bij slaapapneu ook een erfelijke aanleg voor een verminderde controle van de hersenen over de ademhalingsspieren tijdens de slaap. Dat maakt de erfelijkheidsfactor bij slaapapneu complexer: het gaat niet alleen om de bouw van de keel, maar ook om hoe het zenuwstelsel reageert.

Heb je een familielid met gediagnosticeerde slaapapneu en snurk je zelf ook? Dan is het slim om dat serieus te nemen en je te laten onderzoeken. Gewoon snurken en slaapapneu lijken op elkaar, maar de gezondheidsrisico’s van slaapapneu zijn een stuk groter.

Welke niet-erfelijke factoren verergeren snurken?

Erfelijkheid legt een basis, maar de niet-erfelijke factoren bepalen vaak hoe erg het snurken in de praktijk uitpakt. Zelfs mensen zonder genetische aanleg kunnen gaan snurken door een combinatie van leefstijl en omstandigheden. En wie wél een aanleg heeft, merkt dat die factoren het probleem flink kunnen verergeren.

De belangrijkste niet-erfelijke oorzaken van snurken zijn:

  • Overgewicht en snurken hangen nauw samen: vetophopingen rondom de keel verkleinen de luchtweg en verhogen de kans op snurken sterk
  • Snurken door alcohol: alcohol ontspant de keelspieren extra, waardoor de weefsels sneller gaan trillen. Zelfs een paar glazen voor het slapengaan kunnen bij mensen met een aanleg voor fors snurken zorgen
  • Snurken in rugligging: in rugligging zakt de onderkaak naar achteren, wat de tong en tongbasis meeneemt en de luchtweg vernauwt. Dit is een positiegerelateerde oorzaak die losstaat van mondademhaling
  • Snurken met open mond: de mond openhouden tijdens het slapen is op zichzelf niet de oorzaak van snurken. De echte oorzaak is de vernauwing in het keelgebied. Wel kan een open mond in combinatie met rugligging de kaak- en tongpositie verslechteren, wat de vernauwing vergroot
  • Kalmeringsmiddelen en slaappillen: net als alcohol ontspannen deze de keelspieren en verhogen ze de kans op snurken
  • Verstopte neus of allergieën: neusverstopping dwingt mensen om door de mond te ademen, wat de mondpositie verandert en indirect de luchtwegpositie beïnvloedt
  • Leeftijd: naarmate je ouder wordt, neemt de spierspanning in de keel af, ook zonder genetische aanleg

Kun je snurken verhelpen als het in de familie zit?

Ja, absoluut. Erfelijkheid maakt snurken niet onontkoombaar en het betekent ook niet dat je er niets aan kunt doen. Zelfs als de anatomische oorzaak genetisch bepaald is, zijn er effectieve manieren om het snurken te verminderen of te stoppen.

Een goed startpunt is het aanpakken van de factoren die je wél kunt beïnvloeden. Dat betekent concreet: snurken door alcohol beperken door minder te drinken voor het slapengaan, afvallen bij overgewicht, en positietherapie proberen als je voornamelijk snurkt in rugligging. Dit zijn stappen die bij veel mensen al een merkbaar verschil maken.

Als die aanpassingen niet genoeg helpen, of als de anatomische oorzaak te groot is om met leefstijl alleen te compenseren, dan is een op maat gemaakte snurkbeugel een bewezen effectieve optie. Zo’n beugel, ook wel een mandibulair repositieapparaat (MRA) genoemd, houdt de onderkaak licht naar voren tijdens het slapen. Dat voorkomt dat de tong en tongbasis naar achteren zakken en de luchtweg vernauwen. Voor mensen bij wie de anatomie de kern van het probleem is, werkt dit bijzonder goed. Als laatste optie bestaat er nog een keeloperatie, maar die heeft stevige bijwerkingen en is zeker niet altijd blijvend effectief.

Snurken dat in de familie zit, heeft dus een oorzaak die je kunt begrijpen en aanpakken. Bij Zlaap helpen we mensen die snurken, ongeacht of het erfelijk is of niet, aan een oplossing die past bij hun situatie. Wil je weten wat er bij jou speelt en wat je opties zijn? Dan is een gesprek met een van onze specialisten een logische eerste stap.

Veelgestelde vragen

Vanaf welke leeftijd kan erfelijk snurken zich beginnen te manifesteren?

Erfelijk snurken kan zich op elke leeftijd beginnen te ontwikkelen, maar wordt het meest opgemerkt vanaf de volwassen leeftijd, vaak tussen de 30 en 50 jaar. Dit komt doordat de spierspanning in de keel geleidelijk afneemt naarmate je ouder wordt, waardoor een aanwezige anatomische aanleg steeds meer tot uiting komt. Bij kinderen kan erfelijk snurken al vroeg optreden, met name als er sprake is van grote amandelen of een smal verhemelte.

Hoe weet ik of mijn snurken anatomisch (erfelijk) van aard is of puur door leefstijl wordt veroorzaakt?

Een goede indicatie is om te kijken of het snurken ook optreedt wanneer je geen alcohol hebt gedronken, op een gezond gewicht zit en op je zij slaapt. Als het snurken dan nog steeds aanwezig is, wijst dat sterk op een anatomische oorzaak. Een specialist, zoals een KNO-arts of een tandarts gespecialiseerd in slaapgeneeskunde, kan een gerichte beoordeling doen van je kaak- en keelstructuur om uitsluitsel te geven.

Kan een snurkbeugel ook helpen als mijn snurken erfelijk bepaald is?

Ja, een op maat gemaakte snurkbeugel (MRA) is juist bij anatomisch bepaald snurken vaak zeer effectief, omdat het apparaat direct ingrijpt op de oorzaak: de positie van de onderkaak en tong tijdens het slapen. Door de kaak licht naar voren te houden, wordt de luchtweg opengehouden ongeacht de erfelijke bouw van je keel of kaak. Het is wel belangrijk dat de beugel op maat wordt gemaakt, zodat hij optimaal aansluit op jouw specifieke anatomie.

Moet ik mijn kinderen laten controleren op snurkproblemen als het in onze familie voorkomt?

Als snurken of slaapapneu in de familie voorkomt, is het zeker de moeite waard om alert te zijn op snurkgedrag bij je kinderen, vooral als ze ook regelmatig een open mond hebben tijdens het slapen of overdag vermoeid lijken. Bij kinderen kunnen grote amandelen of een smal verhemelte vroeg worden opgespoord en behandeld, wat latere problemen kan voorkomen. Bespreek je zorgen met de huisarts of een kinderarts, zodat indien nodig tijdig naar een KNO-arts kan worden doorverwezen.

Zijn er specifieke slaaptests die ik kan doen om te achterhalen of mijn snurken samenhangt met slaapapneu?

Ja, de meest gebruikte test is een slaaponderzoek, ook wel polysomnografie of een thuisslaaptest genoemd. Bij een thuisslaaptest draag je tijdens het slapen een klein apparaatje dat je ademhaling, zuurstofgehalte in het bloed en hartslag meet. De uitslag geeft aan of er sprake is van slaapapneu en hoe ernstig dat is. Je huisarts kan je hiervoor doorverwijzen, zeker als je aangeeft dat slaapapneu in de familie voorkomt.

Wat is de grootste fout die mensen maken als ze ontdekken dat hun snurken erfelijk is?

De grootste fout is berusting: denken dat er niets aan te doen valt omdat het ‘nu eenmaal in de familie zit’. Erfelijkheid bepaalt de anatomische aanleg, maar niet het eindresultaat. Door leefstijlfactoren zoals alcoholgebruik, overgewicht en slaaphouding aan te pakken én de juiste hulpmiddelen in te zetten, kunnen de meeste mensen hun snurken aanzienlijk verminderen, ook al is de oorzaak deels genetisch.

Kan positietherapie echt helpen bij erfelijk snurken, of is dat alleen zinvol bij niet-erfelijke gevallen?

Positietherapie, waarbij je traint om op je zij te slapen in plaats van op je rug, kan ook bij erfelijk snurken een zinvolle aanvulling zijn. Zelfs als je een erfelijk smal keelgebied hebt, vermindert de zijligging de druk op de luchtweg doordat de tong en kaak minder snel naar achteren zakken. Het lost de anatomische oorzaak niet op, maar kan de ernst van het snurken merkbaar verminderen, zeker in combinatie met andere maatregelen zoals een snurkbeugel.

Gerelateerde artikelen